|
Dag 16: Zaterdag 24 oktober
Wéér vroeg op. Vandaag komen we langs een aantal
Inca-monumenten, waar we als eersten willen zijn.

Ik heb gisteren tegen een aantal
mensen gezegd dat ik teleurgesteld was dat de snellen zo
weinig de langzamen helpen. Het lijkt erop alsof die
boodschap wel is overgekomen. Iedereen wacht nu op elkaar, helpt elkaar, wijst
elkaar op wiebelende losse stenen enzovoort.

De monumenten die we bezoeken,
hebben diverse functies: militair, huis voor een
Inca-koning, gastenverblijf, enzovoort. Freddy kan het
allemaal goed uitelggen.

Langzaam komen we over meer en
meer 'echte' stukken van de Inca Trail. We begrijpen dat
sommige stukken zijn nagebouwd, omdat lang niet overal
meer kon worden vastgesteld hoe de route gelopen heeft. Lang
niet alles wat de Inca's maakten, heeft de tijd
dus doorstaan.

We lopen nog steeds
tussen de wolken, maar dat blijft een geweldige ervaring.

Langzaam verschijnt een
Inca-monument, in de vorm van een soort amfitheater. Het
is opgebouwd uit landbouwterrassen. Vlak bij dat
monument is al onze derde campsite.

We moeten wel nog een enorm eind
afdalen. Er komt geen eind aan! Elisabeth wordt er een
beetje zeurderig van.
Deze campsite is een echte
camping, met restaurant en warme douche. Daar waren we
echt aan toe. Onze porters maken een diner dat we in het
gebouw opeten. Na het eten gaan we naar de
Inca-ruïne naast de camping. Als je er rondloopt is
het nog veel groter dan het van een afstand leek!

Een eindje verderop is een
waterval. Daarvan wordt al sinds de tijd van de
Spanjaarden gezegd dat als je er onder gaat staan, je
eeuwig jong blijft. Diederick durft het als eerste,
Ronald valt er bijna te pletter.

Diederick en Dawn gaan samen
slapen. Died wist al dat ik er geen problemen mee zou
hebben. Dawn sliep de laatste nachten steeds bij
Elisabeth in de tent, en zij vindt het ook goed om te
ruilen. Ik slaap nu dus bij haar (maar wij hebben niets
met elkaar).
|