|
Dag 7: vrijdag 26 november
Ik spreek om half negen af met
Liz, Wolfgang en Gert, om samen te gaan ontbijten. Gail
kent in het centrum nog een 'geweldig' restaurant om te
ontbijten. we lopen er dwars door de stad heen. Er wordt
hard gewerkt aan de wegen hier!

Café Selva heeft in elk
geval goede koffie. Het is meteen ook een soort
mini-museum over koffie. Er staat zelfs Max Havelaar
koffie bij. Ik leg de anderen uit wie Max Havelaar
was.
Het is wel een luxe tent, met
zachte Jazzy-Funky-Koole muziek. Ze hebben ook eens niet
het standaard American of continental breakfast. Je kunt
kiezen uit allerlei sandwiches. Drie lagen heerlijk
bruinbrood, met naar keuze kaas en/of diverse soorten
vlees. we krijgen de 'traditional' koffie er gratis
bij.
Gail brengt me in contact met
een Nederlandse vrouw die hier in het Na
Bolóm-hotel de fotocollectie van mevrouw Blom
sorteert en ordent. Ik zeg haar even gedag, maar
heb niet zo heel veel tijd. Hopelijk zijn we
vanmiddag op tijd terug, het lijkt me interessant om te
zien wat ze doet.
We gaan met z'n vieren naar de
'canyons': de Cañón del Sumidero, een
rotspartij langs de rivier de Río Grijalva. De broer van de
hotelbeheerder wil ons er wel heen brengen voor 100 pesos
per persoon. Het is anderhalf uur rijden naar het
stadje Tuxtla Gutiérrez, met zijn auto wel twee uur.
Onderweg luisteren we naar de bandjes die ik heb
gekocht.
Als we aankomen, is het
bloedheet in de brandende zon. Het bedrijf dat de
rondvaarten door de vallei maakt, probeert steeds 12 tot
14 personen in een boot te stoppen. We moeten daarom
wachten tot er meer mensen komen. De eerste boot heeft
helemaal geen zonnescherm of dak, daar hebben we niet
zo'n zin in. We wachten liever. De volgende boot komt
niet vol, daarom willen ze 66 pesos in plaats van 60.
Vooruit dan maar, als we dan tenminste weg kunnen.
Uiteindelijk gaan er toch 12 personen mee, maar geld
terug krijgen we natuurlijk niet.

Op het water is het koeler,
tussen de bergen is het zelfs bewolkt en koud. De
'canyons' zijn best mooi, als je maar geen Grand Canyon
verwacht. Het is erg indrukwekkend om te zien hoe steil
het omhoog gaat. De bergen zijn hier honderden meters
hoog.

Onderweg zien we een kaaiman,
die in de zon ligt te slapen. Er zijn ook veel vogels
hier.

Het mooiste is een soort
waterval die vanuit een berg komt. Op de rotsen eronder
is allemaal mos gegroeid, waardoor het van een afstand
net een enorme kerstboom is.

De tocht eindigt met een enorm contrast: na de
prachtige natuur komen we opeens bij een hypermoderne stuwdam, de
Chicoasén Dam. Met een enorm standbeeld van bijna
communistische snit.
Terug in het hotel kunnen we nog
even rotzooien voordat we afspreken voor het diner.
Gail weet nog wel een leuk
restaurant. Het is schuin tegenover de San
Fransiscokerk, recht tegenover de vele leuke
marktkraampjes. Ik vind het wel een goede keus: een
restaurant met hoofdzakelijk vegetarische gerechten maar
ook een aantal vleesmaaltijden. Het meeste is echt
lokale keuken, al is het wel een beetje op de toeristen
afgestemd. Het is helaas wel erg stil hier.

Ik vind het eten heerlijk. Maria
wordt na afloop ziek, ze denkt dat het van de rijst
komt. ik denk eerder dat het van de salades is. Ik voel
me nog altijd prima, en ik heb hier geen salade
gegeten.
Gisteren wilde niemand nog gaan
stappen omdat we dat vandaag zouden doen. Nu is iedereen
'te moe'. We hebben gewoon allemaal niet zo veel puf, ik
eigenlijk ook niet. |